Odin’s Hela Vaart

A.C.W. Staring
Oud-Noorsche poëzie, vrij vertaald.

Odin verhief zich -
De Koning der menschen!
Hij besteeg zijn ros,
En reed naar beneden,
Naar Hela's Burgt;
En Hela's Wachter,
De Hond sprong hem tegen.
Zijn borst was bebloed;
En hij sperde den muil op,
En baste hem aan.
Afzigtig van zwadder
Was zijn gebit.

En Odin verwijlt niet;
En de aarde siddert!
Daar stijgt voor zijne oogen
De Burgtin van Hela.
En hij wendt zich ten opgang,
Naar Hela's poort;
Waar diepbegraven
De Zienster ligt.

En toovergezang,
Dat dooden kan wekken,
Begint hij te zingen,
Naar 't noorden gekeerd.
En met Runen bezeert hij
De Grafbewoonster,
Tot zij toorned rijst,
En antwoord murmelt:

"Wie is de Man,
Die mijn rust kwam stooren!
Ik ken hem niet.
Ik lag zoo lang,
Onder ijs bedolven -
Van vlietende regen -
Van daauw besproeid."

Een Zwerver ben ik;
Eens Krijgsmans Zoon.
Ik kom, en meld u
Wat daarboven geschiedt;
Meld gij mij de dingen
Van Hela's Rijk.

Voor wien staat die Zetel
Van goud bereid?
Op wien toeft ginder
Dat gouden Bed?

"Met een schild bedekt,
Wacht hier op Balder
De Honigdrank.
Haast zullen om Balder
De Goden treuren.
Gedwongen sprak ik,
En eisch weer rust."

Ik weiger u rust!
Ik vraag nog meerder,
En hou' niet op,
Tot ik alles weet:
Wie is 't die Balder
Van 't licht berooft?

"'t Is Hoder! - Hij is 't,
Wiens hand zijn Broeder
Den dood doet smaken!
Die 't licht zal ontrooven
Aan Odins Telg.
Gedwongen sprak ik,
En eisch weer rust."

Ik weiger u rust!
En vraag nog meerder,
En hou' niet op,
Tot ik alles weet:
Zeg, wie zal Hoder
Zijn daad vergelden,
En Balders Moorder
In 't graf doen storten?

"In 't west zal Odin
Een Zoon uit den schoot,
Van Rinda gewinnen,
Die, pas geboren,
De wapens zal grijpen;
Zijn hand niet zal wasschen -
Zijn lokken niet scheelen;
Tot hij Balders Moorder
In 't graf doet storten.
Gedwongen sprak ik,
En eisch weer rust."

Ik weiger u rust!
En vraag nog meerder,
En hou' niet op,
Tot ik alles weet:
Wat Maagden zijn 't,
Die weenend haar sluijers
Ten hemel zwaaijen?
Dit vraag ik u nog,
Eer gij rust erlangt.

"O gij - geen zwerver,
Zoo 'k dwalend vertrouwde! -
Gij zijt Odin zelf,
De Koning der menschen!

En Gij! - geen Maagd,
Die de toekomst ontraadselt, -
Geen jonkvrouw zijt ge!
Drie Reuzen hebt gij
Als moeder gezoogd.

"Vlie, Odin! vlie heen! -
Beroem u, in Asgard,
Dat gij verkreegt
Wat hier geen Vrager
Na U erlangt,
Tot Lokes woede
Zijn banden breekt,
En de Goden vallen! -
Tot de Waereld vergaat,
En de nacht begint."

Published by

sjpielsewolf

Interested in germanic heathenry, lore, original fairy- and folktales, shamanism and lots of other related worldly stuff. I walk and cycle alot in nature, read, play various instruments etc.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s