Praatziek, blij en druk – manisch?

Bella BallaBalla

Vandaag ben ik weer eens ouderwets losgegaan in mijn gekkigheid en praatziekte! Overal op ingaan en overal de humor wel van inzien, opgaand in de rare beelden die zich in mijn hoofd vormen door de vreemde zinnen die mensen soms schrijven. Compleet geïnspireerd, huppelend, dansend en dwarrelend tussen al die gedachten die de mijne niet zijn… Heerlijk!!!

Tegelijkertijd is het een teken van de ultieme overprikkeling, het compleet loslaten van de eigen bodem en letterlijk met alle winden meewaaien. Alle nuances, alle tekenen van balans of enige middenlijn zijn weg – het hobbelt maar door van het ene in het andere avontuur. Vloeiend, natuurlijk, zwemmend als een vis in het water… Geweldig mooi, maar toch eigenlijk veel te intens – veel teveel indrukken, teveel enthousiasme de hele dag door.

Continue reading

Sociale contacten – het blijft een strijd

hoogsensitief

Een paar dagen terug schreef ik nog een heel stuk over de liefde. Ik was door liefde geïnspireerd en kom het mooi projecteren. Ik hou nog steeds van de liefde, maar eet ook dat het soort liefde wat ik bedoel niet persoon-gerelateerd is. Het willen houden van en van gehouden worden – de behoefte tot delen en verbondenheid bleek anders van aard dan ik verwachtte.

Ik hoopte dat het persoonsgebonden zou zijn. Gekoppeld aan één specifiek persoon die dat gevoel losmaakt of oproept, maar dat blijkt helemaal niet zo te zijn. Dat is niet erg. Ik vind eigenlijk alles wel goed hoe de dingen zijn, zolang ik daar maar eerlijk mee omga. Mijn emoties zijn echt, het gevoel, de inspiratie, de gedachte, de voorstellingen en beelden, associaties die het oproept. De behoefte, de drang het streven en ideaal zijn ook echt. Alleen het doelgerichte niet.

Continue reading

De liefde liefhebben

universal love

Het houden van, het willen delen, het kunnen geven, het samengevoel willen hebben. Het kunnen praten, het kunnen lachen, het kunnen huilen – het ongegeneerd mens mogen zijn bij elkaar. Het willen begrijpen, het helpen vergeten, het samen beleven, het herinneren, het plagen en het uitdagen. Het weten, het voelen, het zien en het horen hoe het met de ander gaat ook al zijn er geen woorden.

Verbondenheid in eerlijkheid, vertrouwen, geborgen- en veiligheid. Het knusse veilige hol, de gedeelde grot van de heilige ruimte die ontstaat wanneer er gekozen wordt om elkaar toe te laten en te laten zijn.

De angst, de twijfel, de onzekerheid over de motieven. De argwaan, de schuwheid, de schaamte, de verlegenheid, het niet geloven van de intenties…

De vrouw van nu, bang om van gehouden te worden – bang voor de man van nu die geobsedeerd is door de consumptiemaatschappij… De norm van nu, die het schijnbaar nodig maakt om zo bang en argwanend voor iets te zijn dat het mooiste is wat de mens kan overkomen.

Daar sta ik dan tussenin, in een wereld van waarden en normen die de mijne niet zijn. Het hele sociale leven die als maatschappij gedragen wordt, in een maatschappij waar ik buiten sta… Buiten sta door een beperking die ik zelf als een verrijking zie… Een verrijking omdat ik niet beïnvloed ben of wordt door de perceptie die afgegeven wordt door de groep. Ik leef niet in de groepsgeest, ik mis het niet en ik verlang er niet naar… Waar ik wel naar verlang is liefde en al het bovenstaande wat daarbij hoort – en daarbij wil ik niet in de weg gestaan worden door wat daar allemaal onder staat.

Liefde kan een keuze zijn, ik kies voor liefde – omdat liefde schoonheid geeft, liefde geeft ruimte, liefde geeft kleur, liefde geeft dynamiek, liefde is leven. Liefde doet ook pijn. Leven doet pijn. Ik voel die pijn ook nu, de pijn van de liefde zien, de liefde voelen, en tegelijkertijd zien dat die ander gevangen en opgesloten zit in die cirkel van angst en onvertrouwen. Toch is de liefde voelen al de essentie – ik hoef de liefde niet te krijgen, ik hoef de liefde niet te hebben, ik wil de liefde ook niet begrijpen – maar ik voel de liefde wel.

De liefde en de pijn van het zijn… De gouden eerlijkheid, het bloot kunnen geven – de genadeloze kwetsbaarheid: steek me maar, het maakt niet uit, ik laat het toch zien, het moet er uit… het moet geuit… Iets van mij ziet iets in jouw, een herkenning, een herinnering, een perfect samenvallen.

Zoiets hoeft niet wederzijds te zijn, daar hoeft verder ook helemaal niets mee te gebeuren, maar het gebeuren op zich is het ervaren al waard. Het voelen, het zijn, het weten. De inspiratie die het geeft, de associaties en gedachten die het oproept, de daden waartoe het leidt.

Liefde is iets om te geven, het is geen bezit. Liefde is een reflectie, een weerspiegeling van het mooi binnen jezelf in de ander. Het is een resonantie, een trilling die versterkt wordt door een gelijksoortige trilling, en dan wordt energie dikker… Dan wordt het kleur en klank en hoe dikker die energie wordt, hoe meer het zich kan manifesteren, hoe meer we het gaan begeren…

Ik hou van jouw, niet omdat ik er voor kies – niet omdat het me uitkomt, niet om maar iets te doen te hebben… Ik hou van jouw omdat het zo is… Ik kan van je houden omdat ik de liefde koester… Ik hou van de liefde…

Mijn liefde die kan ik overal wel in kwijt, in mijn schrijven, in mijn spreken, in mijn muziek, in mijn gedachten, in mijn fascinatie voor de natuur, in mijn kinderen, mijn hond, eigenlijk overal in. Mijn leven bestaat uit het zoveel mogelijk koesteren van liefde, het verzamelen van dingen en bezighouden met de dingen waarvan ik hou. Door dat te doen, train ik mijn liefde – mijn liefde wordt sterker, je went ook aan liefde, dus zoek je het ook op. Liefde is een gezonde verslaving, het voelt goed.

Dit is geen liefdesverklaring aan jouw, dit is een liefdesverklaring aan de liefde. Liefde is een keuze. Ik kies ervoor om liefde te praktiseren – mijn leven moet zoveel mogelijk om liefde draaien… want in liefde gedij ik goed.

Mijn liefde is alleen niet onvoorwaardelijk, zoals velen dat vaak wel zeggen. Als liefde niet beantwoord wordt, dan ga ik verder… Liefde is niet aan één persoon verbonden, liefde is een trilling waar je open voor kunt staan of voor af kunt sluiten. Ik heb het nodig dat als ik iemand liefheb dat die liefde beantwoord wordt… Het enige wat daarvoor nodig is, is het kunnen toegeven aan liefde…

Niet elke liefde hoeft een verliefdheid te zijn of worden… Ik denk dat houden van en liefde er gewoon zijn, en dat je bij verliefd worden toch een keuze hebt. Ik zou verliefd kunnen worden, maar ik heb er vanavond bewust voor gekozen om dat niet te laten gebeuren…

Liefde is kwetsbaarheid, en hoewel ik die kwetsbaarheid voor een heel groot deel geef, door heel open te zijn, blijft toch een deel achter – wat ook logisch is als je weet dat de ander niet op dezelfde frequentie zit…

Het is ook meer de geborgenheid, het elkaar aandacht geven, de veilige grot gedachte in het samenzijn waar ik de behoefte aan heb. Het begrepen worden, het natuurlijke en eigene. Het gevoel dat er altijd iemand is om te delen, het echt samen zijn, samen kunnen doen en een leven waar de ander een natuurlijke en vanzelfsprekende plek heeft.

Maargoed, voor mij is zo’n band vrij simpel en duidelijk… Ik weet wel wat ik voor ogen heb o ik besef dat ik een sociaal wezen ben dat meer nodig heeft dan een simpele groet van een groenteboer. Ik heb meer diepte nodig in mijn leven, intensere en hechtere banden. Hoe of wat en met wie maakt me niet eens zo heel gek veel uit. Maar die behoefte is er…

Liefde maakt je daar bewust van. Liefde laat je dat zien. Liefde verteld zonder woorden: je hebt iemand nodig, ook al vind je normaalgesproken van niet – je voelt dat het fijner is, dat het beter is, dat het mooier is als er een ander zou zijn.

Ik denk dat dat een veel belangrijkere boodschap is, dan de doodeenvoudige aanwezigheid van die persoon. Natuurlijk zou het leuk zijn als… Maar het idee, de gedachte, het concept gaat zoveel dieper. Ik weet dat ik me niet hoef te verbergen… Ik heb het gevoel dat ik juist helemaal open MOET zijn, uit eerlijkheid en respect naar de ander toe..

Ik weet dat ik niet de doorsnee ben, in hoeverre ik verschil van de ander weet ik natuurlijk niet… Maar ik heb al zo vaak te horen gekregen dat ik intens en heftig ben, dat ik het gevoel heb dat mensen moeten weten waar ze aan beginnen… Dat recht hebben ze. Ik heb het recht op iemand die ervan kan houden en mee om kan gaan.

Ik zie mijn gevoeligheid als kracht en als iets moois. Ik zie mijn eerlijkheid, ongeremdheid en openheid als iets moois… Niet als een beperking, niet als iets wat teveel is… Ik accepteer mezelf hoe ik ben, en weet waarom ik doe wat ik doe, en waar het vandaan komt. Het is allemaal uit goedheid en liefde, en heel veel gevoel.

Ik ben niet voor iedereen, en niet iedereen is voor mij… Mijn liefde die praktiseer ik al in de kunsten die ik doe… Het enige wat ik wil, is vooruit. Ik wil verder, ik wil doorgroeien en doorontwikkelen. Voor mij is naastenliefde of liefde voor de ander een toevoeging en een uitbreiding van mijn repertoire. Het is geen noodzaak, het is niet dat ik een gebrek aan iets heb… Maar ik weet dat het allemaal nog leuker is als het er wel bijkomt. Net zoals ik een puppy aangeschaft heb – die had ik niet nodig… Ik vind dat gewoon leuk en lief, en aardig – ik kan er mee knuffelen en spelen en wandelen – Zó hoort het ook te zijn met mensen die je in je leven toelaat omdat je van ze houdt: Het moet het leven leuker maken!

Ik ben daar schijnbaar aan toe… Anderen toelaten in mijn leven en er ook nog de lol van in zien… Ik ben nu 3,5 jaar alleen – ik heb eerlijk gezegd de behoefte aan anderen niet gehad… Ik vond het wel prima zo… Ik had de handen vol aan mezelf en de situatie, daar kon echt niemand anders bij…

Nu heb ik huisje, boompje, beestje, qua werk en onderzoeken ben ik al heel veel wijzer, inkomsten zijn stabiel – alles is redelijk geregeld… Dus er is ruimte… Eerst kwam de puppy, die doet het goed en is fijn gewend… Ik heb mijn muziek, mijn schrijven en wandelen er nog bij, de kinderen… Alles heeft zijn plekje – Maar ‘savonds zit ik uiteindelijk alleen op de bank.

En elfs daar amuseer ik me met appjes en films en documentaires – die vier uurtjes rust van 8 tot 12 heb ik op zich ook wel verdiend na een hele dag bezig zijn… Toch zijn dat net de uurtjes dat ik contact ga zoeken… Mensjes swipen… Ik vind dat zo’n doelloze bezigheid… respectloos en ontzettend oppervlakkig ook.. Op zoek naar contact, een tikkeltje persoonlijke aandacht…

Ik vind dat triest gedrag en een beetje jammer – maar zoals vandaag iemand zei: dat is de moderne wereld… Iedereen doet het. Ik investeer liever in echte dingen, echte mensen waarvan ik hoop dat ze de moeite waard zijn. 100.000 Afleidingen van kleine oppervlakkige gesprekjes tot soms zelfs vrij diepe – maar uiteindelijk weet je toch dat je daar nooit voor zult gaan… Dat is de vluchtigheid van de tijd. We zijn afgeleid, de één gaat en de ander komt in de plaats… Ik wil dat niet.

En doordat we dan zo “verwend” zijn – doordat we gewend zijn om direct antwoord te krijgen, zijn we dan weer veel te snel beledigd of afgeleid als dat eens niet zo is… Als ik erover nadenk is het triest hoe we de interesse van iemand koppelen aan hoe snel iemand reageert. We zijn geconditioneerd op snelheid – en wat dan als iemand dat toevallig even niet is?

Hoeveel mensen zouden me echt hebben willen leren kennen, maar hebben nooit de kans gekregen, simpelweg omdat ik het geduld er niet voor had… Best lullig… Maar ook waar. Ik heb dan ook weer de neiging om me te verdedigen omdat ik weet dat ik een snelle schakelaar ben, en vaak wat drukker dan een ander – dus dat ik dan ook maar iemand nodig heb die dat kan bijbenen…

In werkelijkheid is natuurlijk het tegenovergestelde waar… In een ideale situatie kom ik iemand tegen die me kan laten stilstaan en aan de rem trekt… Juist om ervoor te zorgen dat ik mezelf niet telkens voorbij raas… In werkelijkheid moet ik inzien dat misschien mijn hart en intenties wel op de goeie plek zitten – maar dat ik over het algemeen toch behoorlijk overreageer…

Dat is de stille kracht… Ook weer de stille kracht van de liefde… Want ik denk weer aan die persoon, en omdat ik om die persoon geef, geef ik haar die ruimte… Ik moet haar wel verdedigen want ik hou van d’r… Ik kan niet te hard schrijven want ik wil haar niet kwetsen… Zij ís mijn rem… Ongeacht of zij mij waarderen kan zoals ik haar – haar invloed op mij is goed… Ik vind het fijn, en het doet pijn tegelijk…

Pijn omdat ik het gevoel heb dat ik tegen een muur oploop… Fijn omdat ik weet dat ze me begrijpt… Ik begrijp het ook wel, het wel willen maar niet kunnen… Het gevangen zitten in jezelf en eruit willen barsten, maar de schreeuw van binnen kan er nog niet uit…

Ik hoef niks, ik wil niks, ik vraag niks en ik verlang niks… Ik wil alleen dat je weet dat het zo is… Je doet iets met me en hebt iets in me los gemaakt waarvoor ik je dankbaar ben, dus dankje daarvoor :)… Er komt een tijd dat ik dit gevoel en deze emotie allang weer vergeten ben… Ik hoop dan toch dat jij het dan diep van binnen nog weet… Je hebt me kunnen raken, je hebt me kunnen laten stralen, zelfs al laten huilen… Terwijl je alleen nog maar een gedachte bent…

Een illusie, een waanbeeld, een droombeeld – een personificatie van troost liefde, zorgzaamheid en warmte… Een beeld dat zoveel meer is dan een mens – Of jij dat allemaal bent of niet – dat geeft niet, ik heb het doorleefd, en daar gaat het om… Bij dromen vraag je ook niet eerst of ze echt zijn als je de betekenis gaat ontrafelen… We voelen ze, en nemen ze met ons mee, het zijn geschenken… Ook dit is een geschenk.

Dankje dat je me hebt willen inspireren – dankje dat je me hebt laten voelen… Ook al was het niet je bedoeling, alsnog bedankt :)

Yggdrasil explored: Crown and Stem

yggdrasil

In de top of the tree sits an eagle. The eagle flies the highest of all birds, and closest to the sun, therefor the eagle has the best overview. Between the eyes of the eagle sits a hawk. A hawk has great reflexes: They react really fast. A hawk takes it’s prey very fast, and then retreats. The hawks symbolism stands for the sharpness of mind, speed and immediate action – living fully in the present or the infinite now.

Then there’s also Ratatoskr (Travelling Tusk) the squirrel, he runs up and down the stem of Yggdrasil rambling it’s mouth to spreads messages from Nidhöggr the serpent that lies under the roots to the Eagle in the crown of the tree and viceversa. So he connects the roots and the crown, I a very rapid hyperactive and gossipy way. Because of that RataToskr creates doubt between our existence in the physical world and our connection to the spiritual world. It is our job to find agreement between our root and our crown, so that Ratatoskr becomes more at ease, and the messages from below and above are more balanced, so there is less reason for doubt and tension in our bodies.

There are also four harts (red deers) which eat from the young fresh leaves of yggdrasil (the carrier of I – the vesself of the self). I’ve been looking for a lilbit extra information on these deers, because once again, animal symbolism isnt’t the authors strongpoint in investigating the deeper meanings of the images in the creation myth of the Edda.

Their names are Dain, Dvalin, Duneyr and Durathror. Dain means “deceased”- Die, died, dying, dead, it refers to that it has died. Dvalin is derived from “dwalen” and dwalen means to wander arround unawarely, to slumber – to dwell, it means dweller. Duneyr and Durathror have unknown meanings. Eyr refers to ear.. You could say Dun refers to thunder, then it would be thunder ear..

dain dvalin duneyr durathror

Duneyr – Probably it doesnt work like that… but I’m free to let my creative association run. Duneyr, Thunor, Donderaar, donar.. Thunder, duner, donder, donner – the ear of thunder could be the sound of thunder. Durathror is also described as “thriving slumber” – but also thror is used as reference to dwarves again.

See there is a lot of unclearity amongst what this might mean amongst scholars and people that really study this stuff for all their lives with many sources and a lot of knowledge at hand. But.. These four deers all have dwarven, or dwarf-related names. There is a legend that says that dwarves can transform themselves into harts (deers) to be able to walk in the sunlight.

tree seasons

And if you have four of them – you automatically think about the four cardinal points: The dwarves Austri, Westri Nordi and Sudri haha. These deers stand in the tree between the branches and eat from it. They could be the four seasons: Dain (the dead one) is definitely winter, Dvalin – the dweller slowly coming to awareness could be spring: awakening from the long sleep but not fully awake yet. Duneyr has also been translated as “feuer gänger” – Fire walker / mover – I don’t recognise the rootwords for it, but i’m no scholar either… – eyr indeed refers to the -aar or -er – Someone who walks is a walker, so someone who fires is a fire-er … Well IF this person is correct, and his source does look serious in the way he made his old norse vocabulary – then Duneyr would be summer.

(Dun-eyrr, an., M.: nhd. £Feuergänger‹, (Hirschname); L.: Vr 87a)

DOEn-hei¨-r, an., Sb.: nhd. ON: nhd. (Gegend an der oberen Weichsel); L.: Vr 87b

dOEn-i, an., sw. M. (n): nhd. Feuer, das tosende Feuer; Hw.: s. daun-n, d–-j-a; L.:

And then Durathror haha we can catch him for being autumn / harfst!

Die Bedeutung des Namens Durathror, altnordisch Duraþrór, ist dunkel.[20] Das Wort setzt sich vielleicht zusammen aus altnordisch dura „schlummern“, durr „Schlummer“ oder dur „Stille“ und altnordisch þrór „Zwerg, Eber, Schwert“ beziehungsweise „Gedeihlicher“ (siehe Beiname Odins).[13] Alle Kombinationen sind denkbar. Vorgeschlagen wird zum Beispiel „Schlummer-Eber“.[9]

If you don’t speak German, don’t worry, I do. Basically the dura, from duration as I said, becomes to rest, schlummer is slumber…. So to doze off to sleep… And the “Eber” means wild hog / boar… In the Edda there is the boar GullinBürsti – GoudBorstel – GoldBrush. The boar is a sign of fertility and the golden brushy hair it has, is commonly known as the rays of the sun. So if Gullinbursti goes to sleep, it lays down, it becomes less strong… The decrease or retreating of the sun. If we didn’t already have Dain as being dead, a sleeping sun could be winter as well of course. But to slumber is not dead yet, I hope it is acceptable to look at it as a gradational process of waking up (spring), having the wake state of day (summer), starting to slumber / retreat / decrease in energy in the evening (autumn), and being away, in rest asleep at night (winter)..

So these four deers are indeed connected to the for directions, because they are the four seasons, and also the for states of being during the day. They sit between the branches, that means in our head. They eat from it, because that’s the energy we use during these phases, and one leads to another. And so the cycle continues.

sacred mead

There’s also the goat Heidrun (Delicious Secret – she who unravels the secrets of the bright clearity) and the stag / deer Eikthyrri (oak thorn) standing on Valhalla. On Eikthyrri I wrote a lot already when dealing with the well Hvergelmir, so more info is to be found there. Heidrun gives the mead, the drink of the gods – the divine inspiration. Eykthyrri feeds the collective consciousness, the cosmic knowledge, but heidrun gives the more uplifting inspiring vibrant creativity. It adds the golden glow of the honey, where the water of eykthirry is the silver.

I’ve done so much already on looking into the deer symbolism, that for the goat symbolism I simply will refer you to the goats of donar, but also to the satyr, saturnalia, saturnus, the age of capricorn, capricorn constellation etc. haha… But again also the fertility, masculinity, earthiness that it comes with. The goat is very solid, Donar is protector of humankind, it is not a coincidence that he has goats as his animals!

But as said, for now it’s enough, I have to go! More next time.

Yggdrasil explored: Well of Urd

urd verdandi and skuld

The third root of Yggdrasil leads to the Well of Urd. Everyday the Aesir (gods) ride over Biföst (the rainbowbridge between Asgard and Midgard) to hold court at the well. At this well are the three Norns (weavers of faith) which take good care of this root by giving it water ad white clay. This is the area of the heart and strongly connected to the morality of man. The norns decide over the faith of life, their destiny.

This place could also be described as the area of emotions, but then more related to premonitions, suspicions, knowing from within and conscience (it doesn’t feel right) and in that way automatically connects to inner morality.

The Norns are Urd, Verdandi and Skuld.

Urd is connected to the past, her name is derived from Oer – like in the rune Uruz – Aurochs (oer os, ancient ox) Aurgelmir (Oer Galmer, Ancient sounding one) etc. – so her name literally means “long ago”, the deep past, far away. She gives us our life thread when we are born.

Verdandi (werdende, wordende) means “the becoming” and is connected to the present and she knots the life threads together whilst we are living.

Skuld (schuld) “Guild” is connected to the future and cuts the life thread when we die. She takes care of the balancing or development oppurtunities of destiny, so she rules over the build up of karma of the past life and the next life to come. Skuld in that sense can also be translated as “schooled” – that which you have learned in life is being weighed, measured and tested. Based upon that your next life gets prepared. In the fairytale of Frau Holle, Vrouw Holle, or Holda from the Grimm brothers, this process is very nicely described.

norns swan

So the norns are the ones that help us to build up karma and with personal development. The norns stem from the spiritual beings of the first hierarchy (serafins, cherubins and thrones – spirits of love, harmony and will).

The book suggests that they might be the same ladies as the three daughters that bulged in from Jotunheim (home of the Giants). That would be very plausible because the beings from the first hierarchy control both the world karma and the human karma. The karma of the world and the human karma are connected to eachother and ruled with iron laws.

Well if this is the case then Karma would be the consequence for slaying the Ancient giant Ymir. Because these three daughters of giants came walking towards the gods on Idavölr – “The field of Ida”- or “the weilding plain” – it is a metaphor for the empty earth where the gods are sitting together to organise and structure everything after killing this Ymir – the giant of which the cosmos is shaped… They chopped him into pieces and gave it names and places… But whilst they were doing that – these three daughters marched in… They represent, like all giants, the natural laws and indeed… karmic rule is a natural law as well. But since karmic law depends on so many forces, they say they could’ve come from anywhere:

“Very diverse, I think,

Is the heritage of the norns

not did they spring from one family:

Some children of the Aesir,

Some children of the Elves,

Some daughters of Dvalin (Dvalin is a dwarf)

So which beings are being used as servants (executers) by the first hierarchy seems to be depending on the situation. Different needs, different areas, different sorts of beings.

There are also two swans swimming in the well, from which all other swans stem. The book once again doesn’t focus on animal symbolism so much, but I do find it important. The swan is still a very important starsign in many cultures. Also the swan connects to purity, astral travel, dreamwalking, shapeshifting, the flight of the shaman. In it’s whiteness it is very pure, and it being a water bird it deals heavily with emotions and intuition. The swan comes back in many fairytales where people change into it, or transformation in general.

People still love to see swans, they still find them more beautiful and majestic / magical then all other water birds – like for example geese or ducks. I will not however hold a complete lecture on why swans are so important, but they are. I find it sloppy of the author to simply discard it and only use one line for it. But as said before, the author has a different purpose, she is only focussing on this forming of man… The development of our entire system before we were solid.. And I must say, she does a good and inspiring job doing so! Her insights and visions empower mine and lay deeper connections to the matter. In a way it feels like I’m working together with her – she has her logic, I have my deeper connection. It is nice to explore books in this way, it becomes a process!

Yggdrasil explored: Mimir’s Well

MimirsWell

Yggdrasil has 3 roots, a stem and a crown. The roots keep the tree standing, so the roots form the basics for the becoming of human or “the carrier of I”- the vessel of the self. That’s why it’s important to take a closer look at these roots. Each root leads to it’s own spring.

Mimir’s Well

The second root of Yggdrasil leads to Mimir’s Well. This root lies Jotunheim (home of the Giants). In this well cosmic knowledge and wisdom lie hidden. This land of giants is connected to the area of our inner willpower. In this area are our unaware driving forces situated, which will find their expression through hour muscles. When a baby is born, and wants to start exploring it’s world, it will have to move. So in that way the development of the will is connected to the muscular development.

laws of nature boundaries

The will to grow and develop is a natural force filled with cosmic wisdom, and can be seen all throughout nature. It is the source of nature forces witin us, and also holds the memory of the “how, why and cause” of these forces. Reflexes and muscle memory, the unaware motions like walking towards a goal are all part of this area. It are the inner driving forces within us, which know exactly where and when to go, and that will lead our path to whatever way the will sets it’s course.

Mimir is a giant. His name is derived from muser, daydreamer, but also memory and memoire. Mimir is mimering, I don’t know if it’s a word in the English language, but in Dutch mijmeren means looking back to the days of old and softly repeating and talking of all the good old things that have gone. You can sit and mimer about a lost love for example. The memory and images are still very clear, and you feel the lost – but since you still have the images, the feelings, maybe even the smells, basically all the memory of your senses (the natural forces within man) – it is still useful and practical, can be worked with, and thus real!

Collective-consciousness

That is what mimir’s well is about: It’s a well of infinite depth that holds all the memory of the world, all the thoughts, all the experiences. Mimir is extremely wise, because he drinks from his well. All the giants represent the natural forces. The giants are the boundary setters, they make the rules. The giants basically are the mountains: They determine the conditions, they are the laws of physics. They give everything it’s living and operation space. You can start from this point, and go to that point – All natural laws are controlled by the giants.

starseed incarnation

This book which I read and write about is about how the gods and other forces worked together to create us as we are: The becoming of man – basically a materialization of a spiritual idea. Small containers of mini cosmic wisdom and knowledge. Most likely little universes put into flesh. So Odin (Allfater) in this case wanted to have access to this well. It’s where he sacrificed his eye so he could drink from the well. Heimdall also wanted access, so he offered an ear. The ear and eye are dumped into the well, in return for a sip of this cosmic memory. Because of this, Mimir can now see and hear everything… So he does not only rule over the past, but he also keeps replenishing it constantly with knowledge of the present!

Yggdrasil explored: the Well Hvergelmir

Yggdrasil up close: The Spring Hvergelmir

Yggdrasil has 3 roots, a stem and a crown. The roots keep the tree standing, so the roots form the basics for the becoming of human or “the carrier of I”- the vessel of the self. That’s why it’s important to take a closer look at these roots. Each root leads to it’s own spring.

yggdrasil - cosmic tree

The spring Hvergelmir

The first root leads to the spring Hvergelmir (bubbling or boiling spring) – but according to Dutch translations also ”sounding or rushing kettle” which is situated in Niflheim. It is an image of our brain where thoughts can boil up and pick up the echo’s of cosmic wisdom. This spring is fed by the water which drips off the antlers of the deer Eikthyrnir (OakHorn or thorn), which is the reason the spring never dies out.

The oak is the sacred tree of the Northern Germanic people and is connected to mysteries and honoring. The antlers of a deer grow each year from it’s head covered in skin and blood reaching towards the heavens. The blood reaching towards the heavens, stands symbolically for lifting itself up towards the spiritual world. Simply put, the antlers are like antennas, that symbolise the spiritual connection between earth and the cosmos.

Eikthyrnir on valhalla

Whilst this deer is standing on top of Valhalla whilst knibbling on the leaves of the cosmic world tree of life force, the water of life and cosmic knowledge drips into our brain, known as the vessel Hvergelmir. I also keep preferring the word Well instead of Spring to describe the sources… It are wells that you can tap into… But since I have to adapt a little bit so people can find the articles they are looking for… I have to use the terms most people commonly choose… Google says Springs instead of wells haha…

It is more the feeling and images of language that are important when describing a mythology and a cosmic process. It are not cold facts, it are images and emotions, a mental concept resonating within which finds expression. So to read someone else it’s vision always will cause friction, because you already established a vision, which includes vivid imagery and emotions, there is a personal bond between the mythology and how it resonates to yourself. That’s why it’s Polytheism: Diversity is natural and common – Different people, different perceptions, different outcomes.

Images of people wearing antlers to show their connection to the spirit-world or the cosmos are found in rock art, the Gundestrup Cauldron, and in images of Pan, Cernunnos, and many other cultures and traditional customs. But once again, this is the author’s association.

To me the stag or deer is about fertility, and indeed the link to the cosmos and the spiritual world, the astral travelling. The deer also used to be a starsign in many cultures, just like the swan which we will see in the description of the well of Urd later on.

stag stars

What I miss in the authors writing, is a shamanic or natural awareness. She writes, and has a lot of good points, strong images and insights, but then falls back to making it smaller instead of richer. She cannot help it, as she openly agrees to be of a different tradition: anthroposophy is still christian in it’s root, and therefor keeps looking down on – or think lesser of the things that preceded the coming of monotheism.

My view is the opposite: The coming of monotheism has made us spiritually poorer, it has destroyed many aspects that connected us much deeper to life and the cosmos itself. So this deer Eikthyrnir gives us not only entrance to the other worlds – it is also the symbol of the priest: Feet firmly on the ground, antennas up to the stars, strong, graceful and honorable and completely in balance.

But let’s move on to Nidhöggr (Envious Chucker) and the many other serpents that nibble at the roots. Well the book says it simply wants to undermine the thinking processes, to cut people off from this cosmic source.

nidhöggr

Once again it’s correct, but again I tend to feel a missing part. The snake is also the symbol for transmutation, fire energy. It transforms and changes things by force. The venom has always effect, wether we like it or not, when bitten by a snake, something changes. Since the book is talking constantly about the process to make people a “vessel of the self” – the “carrier of I”, or more nicely put a manifestation of the cosmic tree within oneself, I think that the symbolism of the snake should get a bit more attention then just simply say “it’s a cut off tool from the christ connection”…

There is no good or bad in polytheïsm, there simply are different forces with purpose that do their thing. And indeed, snakes are connected to Loki – and Loki’s task is to give people their individuality. Of course many people would say that Loki is not nice – well if it wasn’tfor him, we wouldn’t be individuals, we would still be groupsouls.

So if we are indeed Yggdrasils on paws – little cosmic trees doing our thing, and we have a deer eating of hour leaves, and a snake biting in our toes, then we have a full cycle. Why would we not mind someone nibbling on our head and exchanging something in return, but DO mind someone nibbling at our toes? That does not make sense, because in both cases we sacrifice in order to gain.

And again there is no reference made to the stars, as above, so below, as within so without… These concepts are completely left out. Because of course, the big Serpent is also an old star sign that did not make it into our current zodiac.

slavic-world-tree1

Also the snake in the tree of good and evil of course – from the bible, where I really know extremely little about… But the link between trees and snakes and cosmos seems to be willingly forgotten. I haven’t read the bible, but I do know a bit about astro-theology which basically means: The bible story is a story about the planet and the stars, the sun, the moon, the year, and the big years. In short, it’s about astronomy.

Well when I’m reading about kettles, and vessels, and very archetypical strong energies with very specific functions and stories, it starts to look like hermetism doesn’t it? If we are allowed to apply mythology to ourselves, to make logical reflections to within… Then it would be very strange that they aren’t found above and outside of us.

So I think this snake, these deers, even those 9 worlds and the wells, the giants – everything can be found in the stars as well. I’m even pretty sure that in every indigenous mythology you will find the same characters.

I think this is enough for now… Next time we will look at Mimir’s Well…